Samen surfen is voor ons samen hetzelfde plezier delen. Toen Suzanne van den Broek-Dietz (38) en Jurjen van den Broek (42) elkaar leerden kennen, was het liefde op het eerste gezicht. De ‘surfvonk’ sloeg pas later over.

Inmiddels is het surfen niet meer weg te denken uit hun persoonlijke én werkende leven. Suzanne is oprichtster van het Surf Project, waar kinderen met Down, ADHD en autisme leren surfen. Jurjen is initiatiefnemer van een internetplatform dat de surfsport toegankelijk wil maken voor een brede doelgroep. Suzanne en Jurjen wonen in Haarlem, zijn getrouwd en hebben twee zoons: Luuk (4) en Tom (2).

‘Niet over dat coltruitje beginnen’, zegt Suzanne als Jurjen gevraagd wordt wanneer ze elkaar voor het eerst hebben leren kennen. ‘Oh ja, je had een gestreept coltruitje aan’, grinnikt Jurjen. ‘Ik solliciteerde op een studentenbaantje in Amsterdam en werd daar rondgeleid. Ik zag Suus zitten en dacht: hier wil ik komen werken.’ Suzanne studeerde destijds psychologie, Jurjen deed economie. ‘We waren, na lang om elkaar heen draaien, uiteindelijk het eerste stelletje van het bedrijf’, vertelt Jurjen. ‘Binnen korte tijd kochten we samen een huis, trouwden we en kregen we twee zoons. Dat ging ineens bizar snel, maar het klopte gewoon. Ik dacht alleen maar: dit is waarom mensen bij elkaar moeten zijn.’

‘Mijn eerste surfles was in een zwembad in Zwolle’

Voor hun eerste vakantie samen in Marokko, was Jurjen al jarenlang een fanatiek surfer. ‘Met mijn ouders ging ik elk jaar op vakantie naar de westkust van Frankrijk. Ik ben met de zee opgevoed. Mijn vader is nu 74 en duikt nog steeds de golven in. Inmiddels surf ik zo’n 25 jaar.’ Suzanne daarentegen had geen enkele ervaring met de surfsport. ‘Ik had een hekel aan vrouwen die ineens halfslachtig gingen surfen, omdat hun vriend surft. Tijdens de vakantie in Marokko was ik echt tegengas aan het geven. Ik ga niet surfen, omdat jij toevallig surft.’ Jurjen: ‘Ik vond het daar een speelparadijs: de golven liepen geweldig, je kon gewoon bij het strand weer afstappen. Dan liep ik langs Suzanne, die daar op een handdoek zat en zei ik steeds hoe tof en gaaf het hier wel niet was. Bij de derde keer zei Suzanne: “Hoe lang denk je dat ik hier nog ga zitten?” Dat was een reactie die ik totaal niet zag aankomen.’ Suzanne: ‘Ik voelde me niet erkend, hij lag daar urenlang in het water. Ik zat daar maar een beetje.’ Jurjen: ‘Dat begreep ik wel. Dan ben je voor het eerst samen op vakantie, in een land waar veel te ontdekken valt. En dan lig ik alleen maar in het water.’ Lachend: ‘Ik vond het ook wel zonde, want je wilt eigenlijk alleen maar in die zee liggen en golven pakken.’ Suzanne: ‘Dat was niet onze beste vakantie samen.’

Het duurde niet lang voordat er bij Suzanne een omslag kwam. ‘Natuurlijk vond ik surfen ook wel interessant, maar niet omdat Jurjen het deed. Dat was lastig, want hoe ging ik dat met elkaar verenigen? Toen heb ik zonder dat Jurjen het wist een surfles geboekt. In een zwembad, in Zwolle. Heel bijzonder. Ik had Jurjen op het laatste moment pas ingelicht. Met als gevolg dat hij wilde komen kijken.’ Jurjen: ‘Ik dacht, surfles in een zwembad, dat wil ik zien.’ Suzanne: ‘Hij ging pontificaal op de tribune zitten, in zo’n zwembad waar kinderen leren afzwemmen.’ Jurjen, lachend: ‘Ik besef pas nu hoe lomp dat eigenlijk was van mij.’ Suzanne: ‘In een zwembad peddelen en op een board liggen, zonder golf, dat gaat natuurlijk niet. Dus kocht Jurjen voor mijn verjaardag een board. Toen was het ok. Toen ging ik er niet meer tegenin, maar ging ik gewoon leren.’

‘Dat is het vervelende van die surfsport: je wilt altijd gaan’

Als ervaren surfer gaf Jurjen in het begin veel tips aan Suzanne. ‘Dan zei hij soms wel tien dingen tegelijk. Dat werkt niet bij mij. Daarna bedacht hij: als ik steeds één tip geef, dan kan ze daaraan werken.’ Lachend: ‘Op het moment dat ik blijkbaar iets moest gaan doen, schreeuwde hij: “GO, GO, GO!” Daar schrok ik me het leplazarus van. Kun je niet gewoon je mond houden? Zo lukt het echt niet.’ Jurjen: ‘Dan hield ze gewoon op met peddelen en zei ze: wat is er nou? En ik riep alleen maar: Jezus, je laat die golf gaan! Suzanne: ‘Inmiddels surfen we heel veel samen. Jurjen pakt gerust golven van twee meter, ik vind het prima om op een longboard een golf van een meter te pakken.’

Staan alle vakanties, nu er ook kinderen zijn, nog steeds in het teken van surfen? Jurjen: ‘Met z’n tweeën zoek je altijd de oceaan op. Alleen, onze kinderen willen we ook wat meer van de wereld laten zien dan alleen de zee. Daarom wisselen we het voortaan af. We gaan met zijn tweeën op surftrip, gaan apart van elkaar surfen met vrienden en de zomervakantie is dan voor het gezin. Natuurlijk zoeken we de zee op, maar er zijn dan ook bijvoorbeeld bergen in de buurt. Als er golven zijn, dan gaan we om beurten het water in. Dat blijft het vervelende van die sport: je wilt altijd gaan. Ik denk wel dat onze kinderen het surfen inmiddels in hun systeem hebben zitten.’ Suzanne: ‘Surfen was een van de eerste woorden die Tom zei.’ Jurjen, lachend: Als we op vakantie onze boards een keer niet meenemen, dan zegt Luuk daar wat van. Papa, je vergeet de surfplanken.’

Wat maakt surfen zo verslavend? Suzanne: ‘Het is die focus, dat je uit het water komt en denkt: wat voor dag is het vandaag? Je kunt met surfen alles loslaten. Dat gevoel, van opstaan en die golf rijden, dat is gewoon magisch. Verslavend. Ok, we doen er nog één. Oh nee, deze was nog niet lekker genoeg. Nog één dan.’

Jurjen: ‘Vanuit mijn jeugd heb ik een voorliefde voor golven. Natuur, kracht. Je voelt dat je leeft. Surfen heeft iets meditatiefs. Je ziet golven breken, je neemt even afstand, ziet het land. Dat werkt heel rustgevend. Soms heb je de klik, dat je lekker wegpeddelt, erin gaat, tegen die wand leunt. Alles klopt dan. Laatst hadden we een onverwacht mooie surfdag bij Rapa Nui in Zandvoort. Er waren geen golven voorspeld, dus het was rustig in het water. Dan lig je daar naast elkaar, zie je de ander gaan. Samen surfen is dan echt samen hetzelfde plezier delen.’

‘Als iemand je leert surfen is dat een enorm geschenk’

Vorig jaar beëindigde Suzanne haar baan op om zich volledig te kunnen richten op haar stichting: het Surf Project. Kinderen met Down, autisme en ADHD krijgen surfles van instructeurs en worden daarbij begeleid door vrijwilligers. ‘Voordat ik met het Surf Project begon, werkte ik als psycholoog op een zorgboerderij. Ik vertelde de kinderen met Down die daar kwamen regelmatig over het surfen. Zij vroegen mij op gegeven moment: kun je ons niet leren surfen? Ik zei daarop van niet, maar het zette mij wel aan het denken. Surfen doet zo veel voor mij, waarom zouden deze kinderen dat cadeau niet kunnen krijgen? Een sport met zo’n cool imago kan een enorme boost zijn voor hun zelfvertrouwen. Dus toen kwam ik met het idee thuis om surflessen te organiseren voor deze doelgroep. Jurjen en ik overleggen alles met elkaar, we stoppen elkaar vol ideeën. Hij zei: weet je dat er al zoiets in Engeland bestaat? Ik ben op de website van The Wave Project gaan kijken en ben vervolgens gaan skypen met de oprichter. Van hem kwam het laatste zetje.’ Jurjen: ‘Met mijn website Boardshortz wil ik surfen toegankelijk maken voor een breed publiek. Dus ook voor gezinnen die op vakantie gaan en daar eens een surfles willen nemen. Ik vind het geweldig als heel veel mensen plezier beleven aan deze toffe sport. Daarom was ook de connectie met het Surf Project zo snel gemaakt. Het eerste jaar was ik het platform voor het Surf Project, omdat Suzanne toen nog geen website had. Inmiddels werken we veel samen. En versterken beide initiatieven elkaar.’

Hebben Suzanne en Jurjen nog een droombestemming op hun surflijstje staan? Suzanne: ‘Sri Lanka lijkt me wel wat.’ Jurjen: ‘We kwamen tijdens onze laatste vakantie een stel Australische surfers tegen. Zij toerden met hun busje door Marokko en Europa. Dat lijkt me wel wat. Buiten het seizoen van het Surf Project met ons gezin dezelfde rit maken. Chasing the endless summer.’